Vanochtend in je kamer

Tot 30 juni 2015  publiceren we op deze plek de winnende blogs van de Familieberichten Gastblogger-wedstrijd! Vier persoonlijke, herkenbare, ontroerende verhalen die ons stuk voor stuk op hun eigen manier hebben geraakt! Lees mee met onze vier winnaars: Patricia Bakker, Carl Vissers, Karin Stolwijk en Lilian de Keijzer.

Vandaag de laatste winnaar van deze wedstrijd: een ontroerende blog van Lilian de Keijzer over haar herinneringen aan haar overleden broer. De blog  wordt vergezeld door een  video  uit de familie-archieven van blogster Lilian.


Lieve broer,

Vanochtend was ik even in je slaapkamer. Op je platenspeler lag een lp van Supertramp en Roger Hodgson zong uit volle borst:


Can you hear what I’m saying  Can you see the parts that I’m playing
Holy Man, Rocker Man, Come on Queenie,  Joker Man, Spider Man, Blue Eyed Meanie’


‘Lekker liedje is dit hè?’ zei ik. ‘Ja’, knikte je. ‘De meeste liedjes van Supertramp zijn goed.’ Je liet me van dezelfde groep ‘Crime of the Century’ horen en keek dromerig naar buiten. Ik zat op de rand van je bed, jij zat op een stoel bij de pick-up. Stereo kon je het niet noemen – het was een platenspelertje maar er kwam geluid uit, dat was het belangrijkste.


Tussen twee liedjes door hoorden we buiten het geluid van een maaimachine. Enkele honden blaften in de verte en vanuit de woning van de buren hoorden we vage geluiden van een hindoestaanse radiozender. Suriname, 1981.  We hadden het jaar daarvoor de ‘revolutie’ gehad en, als je de omgeving mocht geloven, gingen we een gouden toekomst tegemoet.

De jaren daarna zijn omgevlogen. Wat is het allemaal snel gegaan hè jongen? We gingen naar Nederland en opeens kon ik niet zomaar je kamer meer inlopen – we woonden te ver bij elkaar uit de buurt. Steeds meer kregen we ons eigen leventje. Als we elkaar zagen was het altijd goed, maar we zagen elkaar eigenlijk veel te weinig. Gelukkig was er nog altijd een telefoon en later de computer. Wat hebben we elkaar veel gemaild! En wat was je handig met computers! Nog steeds als ik een probleem heb met mijn pc denk ik wel eens: ‘Ik zal Walter even bellen, misschien weet hij…’ en dan stop ik met denken. Dan glimlach ik weemoedig en hoor in gedachten je stem. ‘Je kunt me heus bellen’, zeg je lachend. ‘Maar of ik de telefoon opneem is een tweede’. Je bekende galgenhumor. Ik weet het. Die galgenhumor heb je tot het bittere eind gehouden. Toen je geconfronteerd werd met longkanker op je 45ste zei je alleen maar schouderophalend: ‘Shit happens’. Meer niet. Dat is nu bijna drie jaar geleden. Bijna drie jaar heb ik je niet meer gesproken. Bijna drie jaar heb je mama en papa niet gebeld en God weet dat ze het heerlijk zouden vinden je stem even te horen. Ja, de jaren zijn omgevlogen. De telefoon en de computer bieden nu geen soelaas meer. Deze afstand is zo groot maar tegelijk zo klein – het is soms, meer dan daarvoor, alsof je echt bij me bent. Net zoals vanochtend.

Want vanochtend was ik weer even in je slaapkamer. Op je platenspeler lag een lp van Supertramp en Roger Hodgson zong uit volle borst:

‘Can you hear what I’m saying  Can you see the parts that I’m playing
Holy Man, Rocker Man, Come on Queenie,  Joker Man, Spider Man, Blue Eyed Meanie


‘Lekker liedje is dit hè?’ zei ik. ‘Ja’, knikte je. ‘De meeste liedjes van Supertramp zijn goed.’
Ik zat op de rand van je bed en glimlachte weemoedig. Ik volgde je dromerige blik. Toen stond ik op, aaide je over je bolletje en liep naar buiten. Buiten hoorde ik het geluid van een maaimachine en in de verte hoorde ik enkele honden blaffen. Nederland 2015. Het wordt nooit meer wat het was.