(deel 6) Kaal...

Johan Massier (www.massiercoaching.nl) is coach. Hij zich richt op vragen die betrekking hebben op drie hoofdthema's: leven, loopbaan en leiderschap. Johan geniet ervan om eraan bij te dragen dat de ander (weer) vanuit persoonlijke kracht en kwaliteit het leven kan inrichten. In zijn blogs gunt Johan ons een kijkje in zijn boeiende werk en leven.


Peter verdraagt de chemo boven verwachting goed. Hij is uiteraard gewaarschuwd voor de vaak meer dan vervelende bijverschijnselen. Langzaam maar zeker dienen deze zich aan. Misselijkheid: soms meer, soms minder, maar wel te doen. Vermoeidheid: vooral lastig, omdat dit in toenemende mate concentratieproblemen met zich mee brengt. Koorts en infecties: goed op te vangen met antibiotica. Peter realiseert zich dat het er allemaal bij hoort en dat hij er dus doorheen moet... Hij moppert niet, beklaagt zich evenmin. Ogenschijnlijk laat hij het allemaal gelaten over zich heen komen. Totdat de zaalzuster aangeeft dat Peter er rekening mee moet houden dat een dezer dagen zijn haar zal uitvallen. Hij zal zijn krullen (voorlopig?) kwijtraken...

Ruim een jaar eerder

 

'Kijk,' zegt mijn vrouw, 'die jongen fietst net als Peter'. Ik schiet in de lach. 'Dat is Peter', antwoord ik. Zij kijkt nog eens en ziet dat dan ook. Een hand gaat naar haar mond, een langgerekt 'oohhh' volgt. Ik begrijp de verwarring van mijn vrouw wel. Peter heeft zijn haar laten verven. Onaangekondigd, want zo zegt hij wanneer hij binnen is: 'Anders mocht het toch niet van jou, mamma'. Peter vertelt dat hij zelf ook schrok van de kleur. Het is ook best wel heftig. Korenblond... 'Ach, het groeit er vanzelf weer uit', verklaarde de kapper. Mijn vrouw is het daarmee eens. En zij kan het weten, want zij is ervaringsdeskundige. In de daarop volgende maanden verft Peter zijn haar thuis in de badkuip. Het krijgt langzaam maar zeker een meer natuurlijke kleur. En wanneer hij het laat groeien, blijkt hij ineens krullen te hebben. Dat vinden we dan allemaal wel mooi...

De zuster geeft in overweging het haar preventief af te knippen en de schedel vervolgens kaal te scheren. Ik zie Peter slikken. “Dit is nog een brug te ver,” denk ik. Een dag later zegt hij, wanneer er bij het meisje dat tegenover hem ligt grote plukken in de borstel blijven hangen: 'Dat wil ik niet'. Hij begrijpt dat het advies van de zaalzuster zo gek nog niet is. De zaalzuster vraagt of mijn vrouw Peter wil knippen en scheren. Zij begint er dapper aan. Maar het is een emotioneel moment. De zaalzuster maakt daarom het karwei af.

'Schrik niet als je vanavond bij Peter op bezoek gaat', zegt mijn vrouw wanneer zij mij 's middags belt. 'Peter is kaal'.  Ik schrik wel. De tranen schieten mij in de ogen. Voordat ik de zaal binnen loop en mijn zoon groet, moet ik een paar keer diep adem halen en slikken... Peter geeft er al snel een draai aan met de zwarte humor die hem inmiddels eigen is geworden. Hij spreekt van “Een kankerkop, maar dan wel mijn kankerkop, hè!” Door er de spot mee te drijven, kan hij de confrontatie aan. Voor mij blijft het lang moeilijk. Ik denk omdat het mij weer bepaalt bij de ernst van de situatie. Ik kan niet meer naar mijn zoon kijken zonder mij te realiseren dat hij leukemie heeft, een levensbedreigende ziekte...